Wie is het?

Vorige week heb ik de eerste bijeenkomst gegeven van de workshop Spel en wiskunde.  Tijdens deze bijeenkomst hebben we onder andere een aantal spelletjes gespeeld die zeer bruikbaar zijn tijdens de les. Een van de mooiste voorbeelden was het spelletje “Wie is het?”. In de oorspronkelijke versie moet je met zo min mogelijk ja/nee-vragen achterhalen welk gezichtje de ander gekozen heeft.

Doos_wie_is_het

Ditzelfde spel kun je ook spelen met wiskundige onderwerpen in plaats van gezichtjes. Lineaire functies zijn hier bijvoorbeeld heel geschikt voor. Hiervoor geef je iedere leerling een blad met lineaire functies.

Fragment_functies
Een stukje van het blad met lineaire functies (tip: lamineer de bladen en geef de leerlingen een Whiteboardstift. Dan kun je ze hergebruiken).

Het spel gaat dan als volgt:

  • Aan het begin trek je allebei in het geheim een grafiek.
  • Daarna stel je om de beurt een ja/nee-vraag over de grafiek die de ander getrokken heeft.
  • Als je een vraag stelt van de vorm `Is het (die grafiek)?’ die met ja beantwoord wordt, win je.

Nabespreken

Nadat de leerlingen het spel een paar keer gespeeld hebben, bespreek ik het na. Ik stel dan vragen als:

  • Wat zijn slimme vragen om mee te beginnen?
  • Heeft iemand een vraag gesteld waar jij het antwoord niet op wist?

RESOLF

Vandaag ontdekte ik een app van RESOLF. Het spelidee lijkt een beetje op de priemfactorisatiepuzzels van Paul Durenkamp waar ik een paar weken terug over schreef. Net als bij de priemfactorisatiepuzzels moet je de juiste getallen in de witte rondjes invullen.

De leukste puzzels uit de app vind ik de puzzels met functies. Daarbij moet je de punten zo plaatsen dat iedere functie omringd is door punten die op de functie zelf liggen.

Puzzel_functies

In de app (die voorlopig helaas alleen maar beschikbaar is voor IOS) en op de website kom je veel meer leuke type puzzels tegen die op verschillende momenten nuttig en leuk zijn. Zo ga ik binnenkort zeker ook iets doen met een aantal puzzels over logaritmen.

Hoe, wat en waarom

Op Facebook zag ik een bericht voorbij komen, waar onderstaande vergelijking onderdeel van was:

Vergelijking

Ik vond deze afbeelding nogal confronterend. Ik moest namelijk denken aan mijn 5VWO wiskunde A klas. Op dit moment zijn wij bezig met het berekenen van afgeleiden en ik betwijfel of ze echt begrijpen waar we mee bezig zijn. Het boek is namelijk vooral bezig met het aanleren van de technieken. Zelf sluit ik mij daarbij aan. Ik besteed mijn lestijd vooral aan het zorgen dat ze deze vaardigheden verwerven door extra oefenblaadjes en filmpjes.

Echter, ik besteed volgens mij te weinig aandacht aan waarom de regels werken zoals ze werken. Dat wringt toch een beetje. Ik heb daarom ook een filmpje gemaakt voor de leerlingen die toch willen weten hoe ik die regels bekijk.


Zo’n vrijwillige video is natuurlijk ook niet een geweldige oplossing (vooral, omdat een video wat passief is). Volgend jaar wil ik daarom een groepsopdracht over dit stukje van de theorie doen. Dat kost niet veel tijd en geeft hopelijk wel veel inzicht.